text to 70


‘aantekening in Electra’ bestaat uit 8 uren (eigenlijk zijn het halve uren).

Elk uur is gewijd aan een cirkel rond Electra, het eerste uur begint met een cirkel met een straal van rond de 5 kilometer afstand en vervolgens gaan we steeds verder naar binnen, kloksgewijs.

Dus binnen elk half uur wordt 1 keer een omgang van 360 graden gemaakt.

Uur 1 draait om Ulrum.

Uur 2 draait in hoofdzaak om Leens, en neemt Stort mee.

Uur 3 draait om Zoutkamp.

Uur 4 draait om Saaksum en neemt Hoekje en Lauwerzijl mee.

Uur 5 draait om Niekerk en neemt Frytum, Heereburen, Kommerzijl en de Ruigewaard mee.

Uur 6 draait om Oldehove en neemt Englum mee.

Uur 7 draait om Zuurdijk en Niehove en neemt Ruigezand en Houwerzijl mee.

Uur 8 gaat richting Electra en komt Ewer, Aalsum, Kornhorn en Lammerburen tegen.

Als uur 9 begint zijn we in Electra.

 

Elk (half) uur bestaat uit een steiger waarop op bepaalde punten kleine pianoakkoorden zijn geplaatst. Dit zijn markeringspunten in de tijd, het is de vorm.

Ik heb voor het markeren van de tijd gebruik gemaakt van zowel Gulden Sneden als evenredige verhoudingen.

Aan het eind van zo’n (half) uur klinkt dan altijd een citaat uit de klassieke pianoliteratuur.

Het betreft dan altijd historische opnamen, varierend van 1930 tot 1948.

(bvb. Lily Kraus met Haydn, Walter Gieseking met Ravel, Alfred Cortot met Schumann).

sowieso is alle materiaal, ook die van de ‘steigerbouw’ afgeleid van historische opnamen. Hoofdbouwsteen is het slotakkoord van Ravel’s ‘prelude’, een drieklank.

Als een klokje.

Dit materiaal is heel eenvoudig en elementair en heeft in die hoedanigheid een grote schoonheid; straalt ook een grote rust uit.

 

samengevat: er zijn 8 uren die ieder worden afgesloten met een kort citaat, soms een kort compleet werk.

Ik heb 2 verschillende steigers gebouwd, de eerste is redelijk ingetogen, de tweede gaat wat meer naar een hoogtepunt. Deze steigers worden om en om geplaatst.

De volgorde is 1 – 1 – 2 – 2 – 1 – 2 – 1 – 1

Op die steigers plaats ik dan extra materiaal, soms weelderig, soms vrijwel niets.

De uren 1 en 4 pakken wat dat betreft behoorlijk uit,

maar meer tegen het eind wordt het stiller en stiller.

 

Veel van het extra materiaal zijn concrete opnamen die ik april 2012 in de omgeving van Electra heb gemaakt. Het zijn vaak omgevings-stiltes. Wind, vogels, een auto heel in de verte, een raaf of meeuw. Maar ook soms opnamen in de plaatselijke VVV, bij een benzinepomp, in de supermarkt, water klotsend tegen een boot in een haven, opnamen in een café.

 

De klokken van de 8 ‘hoofddorpen’ spelen een belangrijke rol.

Op cruciale momenten, bvb. wanneer de wijzer van mijn klok, die het landschap afscant, het dorp raakt, begint de klok te slaan.

Maar ook op andere plaatsen duiken de klokken van deze dorpen op.

Opnamen van de klokken met dank aan Peppie Wiersma.

 

Er is ook ander materiaal.

Als Fremdkorpers komen een Venetiaanse familie langs (om de 1 of andere reden roept de omgeving van Electra steeds beelden van Venetie in mij op) en ergens anders een Japanse raaf (die zijn Hollandse collega groet).

Maar ook een stuk tekst uit ‘the Pilgrim’s regress’ over een nachtwandeling naar een eiland, ‘across the canyon by moonlight’.

 

Een werk dat, wanneer in zijn geheel in de nacht ervaren, bedoelt een gecomponeerde spanningsboog te maken, met zowel rustperioden als speldeprikken om erbij te blijven.

 

Belangrijk voor mij was ook dat de omgevingsruis van het moment een rol zou spelen. In het werk vallen veel stiltes, die dan dus opgevuld zullen worden door het geluid van de natuur rondom het theater: vogels, wind in het riet, een enkele stem, misschien klotsend water, wie zal het zeggen. Hopelijk niet het geluid van de regen, want het theater heeft geen dak.

 

Piet-Jan van Rossum

mei 2012